Blogbericht

AI Act: transparantieverplichtingen.

AI Act: transparantieverplichtingen.

Key takeaways

  • De EU AI Act legt transparantieverplichtingen op aan zowel aanbieders als gebruiksverantwoordelijken van AI-systemen. Zo wil Europa misinformatie, misleiding en manipulatie tegengaan en het vertrouwen in onze informatievoorziening versterken.
  • Er zijn vier categorieën van transparantieverplichtingen, en elk ervan vraagt een grondige analyse.
  • De Europese Commissie publiceerde richtsnoeren over deze verplichtingen. Bedrijven kunnen daarnaast een praktijkcode onderschrijven om aan te tonen dat ze in orde zijn.
  • De verplichtingen gelden vanaf 2 augustus 2026. Eén uitzondering is de watermerkverplichting. Voor AI-systemen die al vóór 2 augustus op de markt waren, geldt die pas vanaf 2 december 2026.

Je klapt je laptop open en de AI-agent van je bedrijf heet je welkom. Je werkt er dagelijks mee: je vraagt hem om informatie en laat hem taken voor je uitvoeren. Soms gebruik je de beelden en teksten die hij maakt voor een LinkedIn-post, en een deel van die content belandt ook op de bedrijfswebsite. Je weet dat dit allemaal AI is, maar welke regels gelden er eigenlijk? Welkom bij onze vijfdelige reeks over de transparantieverplichtingen voor bepaalde AI-systemen.

In dit eerste deel bekijken we het toepassingsgebied van artikel 50 van de AI Act. Elk volgend deel zoomt in op één specifiek transparantiescenario. Aan de hand van herkenbare voorbeelden leggen we uit wat de regels in de praktijk betekenen en hoe organisaties eraan kunnen voldoen.

In deel twee gaat het over de regels voor chatbots en andere interactieve systemen. Deel drie behandelt de verplichting om AI-gegenereerde content te markeren in een machineleesbaar formaat. De vierde aflevering richt zich op organisaties die AI-systemen gebruiken voor emotieherkenning of voor het categoriseren van personen op basis van biometrische gegevens. In het laatste deel bespreken we de regels rond deepfakes en AI-publicaties die het publiek informeren over zaken van algemeen belang.

1. Inleiding

De AI Act heeft een dubbele focus: productveiligheid en de bescherming van grondrechten. Daarom krijgt transparantie een prominente plaats. In overweging 27 verwijst de Europese wetgever naar de ‘Ethische richtsnoeren voor betrouwbare KI’ uit 2019 en omschrijft hij transparantie als een vereiste die ervoor zorgt dat “AI-systemen worden ontwikkeld en gebruikt op een manier die passende traceerbaarheid en verklaarbaarheid mogelijk maakt, waarbij mensen ervan bewust worden gemaakt dat zij communiceren of interageren met een AI-systeem en gebruiksverantwoordelijken naar behoren worden geïnformeerd over de mogelijkheden en beperkingen van dat AI-systeem en betrokken personen over hun rechten”.

Artikel 50 is wellicht de belangrijkste transparantiebepaling van de AI Act. Het gaat over situaties waarin mensen misleid kunnen worden: weten ze wel dat ze met AI praten? Weten ze dat content door AI is gegenereerd of gemanipuleerd? Voor aanbieders en gebruiksverantwoordelijken van AI-systemen die zulke risico’s meebrengen, legt het artikel een reeks specifieke transparantieverplichtingen vast.

Om daar meer duidelijkheid over te geven, publiceerde de Europese Commissie onlangs specifieke richtsnoeren over artikel 50 (EU-richtsnoeren). Daarnaast kunnen bedrijven de ‘Code of Practice on Transparency of AI-Generated Content’ ondertekenen (EU-praktijkcode). Wie die code naleeft, toont aan dat hij voldoet aan de markerings- en labelingsvereisten van artikel 50. Beide documenten gaan een flink stuk concreter dan de tekst van artikel 50 zelf en horen thuis in elke compliance-analyse.

2. Toepassingsgebied

2.1 Op wie is dit van toepassing?

Eerst moet je nagaan of je organisatie een ‘aanbieder’ of een ‘gebruiksverantwoordelijke’ is in de zin van de AI Act. Artikel 50 legt aan aanbieders en gebruiksverantwoordelijken namelijk andere verplichtingen op.

Een aanbieder is een entiteit die een AI-systeem ontwikkelt of laat ontwikkelen, en het onder eigen naam of merk in de EU in de handel brengt of in gebruik stelt. Een aanbieder hoeft niet in de EU gevestigd te zijn om onder de AI Act te vallen. De verordening geldt ook voor bepaalde aanbieders en gebruiksverantwoordelijken buiten de EU, wanneer de output van hun AI-systeem in de Unie wordt gebruikt.

         Het bedrijf dat de chatbot heeft gemaakt, is de aanbieder.

Een gebruiksverantwoordelijke is een entiteit die een AI-systeem onder eigen verantwoordelijkheid gebruikt voor professionele doeleinden. Gebruik je het systeem puur voor persoonlijke, niet-professionele activiteiten? Dan ben je geen gebruiksverantwoordelijke.

Het bedrijf dat de chatbot gebruikt, is de gebruiksverantwoordelijke. Aanbieder en gebruiksverantwoordelijke kunnen hetzelfde bedrijf zijn!

Een werknemer die een AI-systeem gebruikt namens een organisatie, geldt doorgaans niet als aparte gebruiksverantwoordelijke. Die rol blijft bij de organisatie. Hetzelfde geldt voor contractanten of freelancers die het AI-systeem bedienen namens de organisatie en onder haar verantwoordelijkheid en controle.

Let op: voor elke transparantieverplichting bestaan uitzonderingen voor rechtshandhaving. Die laten we hieronder buiten beschouwing.

2.2 De vier transparantiescenario’s

Artikel 50 valt grofweg uiteen in vier scenario’s, één per paragraaf, die transparantieverplichtingen in gang zetten:

  • 50(§1): het AI-systeem is bedoeld om rechtstreeks met personen te interageren;

Het klassieke voorbeeld van een chatbot, zowel intern als extern.

  • 50(§2): het AI-systeem genereert synthetische content;

Het genereren van beelden of video’s.

  • 50(§3): het AI-systeem is een systeem voor emotieherkenning of biometrische categorisering;

Een chatbot die ook zijn toon aanpast aan jouw emoties.

  • 50(§4): het AI-systeem genereert of manipuleert deepfakes, of wordt gebruikt om tekst te genereren of te manipuleren die gepubliceerd wordt om het publiek te informeren over zaken van algemeen belang.

Het klonen van iemands stem.

Artikel 50(§5) legt vervolgens een overkoepelende vereiste op: de informatie die in de vier scenario’s verplicht is, moet duidelijk en onderscheidbaar worden gegeven, uiterlijk op het moment van de eerste interactie of blootstelling. Ze moet ook voldoen aan de geldende toegankelijkheidsvereisten.

2.3 Deadlines

De transparantieverplichtingen gelden in principe sinds 2 augustus 2026. Voor artikel 50(§2) bestaat wel een specifieke overgangstermijn. Werd een AI-systeem dat synthetische audio, beelden, video of tekst genereert al vóór 2 augustus 2026 op de markt gebracht? Dan heeft de aanbieder tot 2 december 2026 om de nodige stappen te zetten en te voldoen aan de vereisten rond markering en detecteerbaarheid. Het is de enige verplichting uit artikel 50 waarvoor de AI Omnibus zo’n respijtperiode invoerde. Content die vóór 2 augustus 2026 is gegenereerd, hoeft niet met terugwerkende kracht gelabeld te worden.

In het volgende deel van deze reeks gaan we dieper in op artikel 50(§1). We geven ook concrete stappen om in orde te zijn wanneer je een interactief AI-systeem op de markt brengt.

Deel op:

Geschreven door

Geen auteur gevonden.

Hi! Hoe kunnen we helpen?

Heb je interne privacyhulp nodig of een externe DPO? Neem contact met ons op en we zoeken samen met jou naar de beste oplossing.

  • Oplossingen
  • Expertise
  • Resources
  • Werken bij
  • Over